Ga naar de startpagina

Het laatste nieuwsGa naar de verslagenBekijk de komende evenementen in de kalenderGa naar de uitslagenGa naar het discussie forumTrainings tipsLinks naar andere pagina'sMeest gestelde vragen

Verslagen actueel
15 jun 2018
Ultra Fiord 2018
3 jun 2018
GTLC 105 km 2018
31 mei 2018
Keufelskopf Ultra
2 mei 2018
Trail Innsbruck
Verslagen in 2018
Verslagen in 2017
Verslagen in 2016
Verslagen in 2015
Verslagen in 2014
Verslagen in 2013
Verslagen in 2012
Verslagen in 2011
Verslagen in 2010
Verslagen in 2009
* December
* November
* Oktober
* September
* Augustus
* Juli
* 25 jul 2009: MUM: "Waarom zou ik iets op een normale manier doen?"
* 23 jul 2009: Swiss Jura Marathon 5 tot en met 11 juli 2009
* 19 jul 2009: Eerste Waldnieler Marathon
* 17 jul 2009: Swiss Jura Marathon Herkansing…
* 17 jul 2009: Mont Blanc Marathon
* 9 jul 2009: 2009 Sakura-Michi International Nature Run
* 7 jul 2009: De schande van Rijkevorsel (update)
* 5 jul 2009: Rust en optimaal genieten van pannenkoeken
* Juni
* Mei
* April
* Maart
* Februari
* Januari
Verslagen in 2008
Verslagen in 2007
Verslagen in 2006
Verslagen in 2005
Verslagen in 2004
Verslagen in 2003
Verslagen in 2002
Verslagen in 2001
Verslagen in 2000
Verslagen in 1999
AltaVista
Zoek:
Discussies
Het web


 
VERSLAGEN van Juli 2009
 
MUM: “Waarom zou ik iets op een normale manier doen ?”

In 1976 ben ik voor de eerste keer in mijn leven in het toenmalige Tsjecho-Slowakije geweest. Dat was in de tijd van “Oostblok” en “IJzeren gordijn”. Die reis heeft op mij een onuitwisbare indruk gemaakt. Dit was met name door het bijna tastbare gevoel van onvrijheid. Grenzen met prikkeldraad, wachttorens en stukken niemandsland en veel en overal soldaten met geweren in de aanslag. Gaan en staan waar je wilde was in die tijd gewoon onmogelijk.

Vorig jaar hoorde dat er in het oosten van Tsjechië de Moravsky Ultra Marathon (MUM) georganiseerd werd. Dat leek mij wel wat! Zeven dagen gewoon lekker daar rond rennen zonder dat er iemand in de gaten hield waar je uithing. Toen wist ik nog niet dat ik dit laatste wel erg letterlijk in de praktijk zou brengen.

Met redelijk wat zoekwerk heb ik de internet site van de organisatie gevonden. Vervolgens heb ik daarop ook een soort document gevonden waarmee je inschrijven kon. Dit document was zelfs in allerlei talen beschikbaar. Er achter komen of de inschrijving ook daadwerkelijk op de juiste plaats aangekomen was heeft wat meer werk gekost. Maar dat was nog niets vergeleken bij het krijgen van een antwoord op de vraag of het inschrijfgeld ontvangen was. Ook al had ik er bewust voor gekozen om niet zoals men voorstelde een enveloppe met contant geld op te sturen maar gewoon per bank over te boeken.

Ik kreeg dus het vermoeden dat dit een hele onderneming zou worden. Ook al heb ik een grote klep, toch weet ik best wel dat als dingen echt moeilijk worden, ik beter de hulp van experts kan inroepen. En zoals wij mannen wel weten moet je voor het oplossen en soms zelfs voor het voorkomen van echte problemen bij een vrouw zijn. Zodoende is het niet vreemd dat ik mij in heel wat bochten gewrongen heb om Jannet Lange er van te overtuigen dat de MUM absoluut niet in haar loopjes verzameling mocht ontbreken. Om te voorkomen dat mijn zachte g helemaal het onderspit zou delven heb ik ook Jack Hendricks bereid gevonden om met ons mee te gaan. Achteraf bleek dit een briljante zet want Jack heeft ons versteld doen staan van het tempo waarmee hij zich de Tsjechische taal eigen gemaakt heeft. Dit hield gelijke tred met het fenomenale tempo waarmee de inhoud van de pakjes tabak in rook opgingen. Toen ook Willem Mütze samen met Annemarie besloten om op verkenningstocht in Moravia te gaan moest weer gezocht worden naar enige compensatie voor de zachte g’en. Toen niemand minder dan Adrie van Dijk aangaf om mee te willen was dit probleem ook weer opgelost.

Omdat ik het dichtst in de buurt van Lomnice woon, werd besloten dat we bij mij thuis zouden verzamelen. Van daaruit hebben we dan ook maar een kleine 12 uurtjes hoeven te rijden. Opmerkelijk was trouwens dat de mevrouw van de gps ons helemaal door het centrum van Praag stuurde.

Lomnice is een plaatsje met minder dan 1.000 inwoners. Tijdens de MUM zouden wij hier in de school slapen. Dit was tevens de plaats waar wij dagelijks geacht werden te finishen. Op de een of andere manier had zich in mijn hoofd het idee gevormd dat wij in een of ander klein gebouwtje terecht zouden komen. Toen wij in het donker aankwamen zagen wij een enorm gebouw, dat ze bovendien grondig aan het verbouwen waren. Dit in combinatie met het feit dat er niemand was deed bij mij het vermoeden ontstaan dat wij minimaal bij het verkeerde gebouw stonden en waarschijnlijk zelfs in het verkeerde Lomnice. Uiteindelijk vonden we een deur die open of beter gezegd niet zo goed afgesloten was. Hoe hij het gedaan heeft weet ik niet maar na verloop van tijd kwam Jack met Adam de organisator van de MUM aan. Hij bracht ons naar een klaslokaal met het formaat van een kleine loods waar naast de nog te monteren nieuwe ramen en opgeslagen meubels meer dan genoeg plaats voor de Hollanders was. Daarna kregen we van Adam een rondleiding zodat we wisten waar de keuken en de douches waren. Hierbij toonde hij ons ook een groot inpandig zwembad. In het midden hiervan lag een Duitse loper die zo hard snurkte dat ze hem hier onder gebracht hadden. Ook werd ons een route door een aantal kamers en hokken getoond naar een meterkast. Hierin moesten wij twee schakelaren omdraaien als wij licht in de douches wilden. Gelukkig was ik topfit en kon zowel de plek van de meterkast als ook de juiste schakelaar onthouden. Tevens was ik geen moment bevreesd dat ik dit verkeerd onthouden zou en per ongeluk de knop zou indrukken waardoor het zwembad weer met water gevuld zou worden.

Ik had beloofd om ook een plekje voor Willem en Annemarie te reserveren. Die hadden zaterdag nog even de ronde van Amsterdam georganiseerd en zouden dus ergens tussen 6 en 7 uur in de ochtend arriveren. Ik vroeg mij af hoe zij ons stekkie zouden vinden. Gelukkig was ik te moe om daarvan wakker te liggen. Hoe het ook zij, ’s morgens heel vroeg deed ik mijn ogen open en keek recht in het gezicht van Willem. Een zeer opmerkelijke ervaring die desondanks niet voor herhaling vatbaar is. Wie gedacht had dat W en A vervolgens zouden gaan slapen vergist zich dierlijk. Eerst moest het Holland House ingericht worden. Ik heb dus de lucht die ik opgespaard had om tegen te sputteren maar gebruikt om oranje ballonnen op te blazen.

5 juli Lomnice Lomnice: “Het feest kan beginnen”

Inmiddels was het dus zondag, de eerste loopdag. Dit was volgens de planning ook de meest relaxte dag. Als eerste stond het ontbijt op het programma. De dames van de catering (lees de moeder en tante van de organisator) zorgde dat je broodjes en botterhammen gesmeerd waren en continu aangevuld werden. Vervolgens moesten wij de tijd tot de lunch kapot slaan met rusten. Een taak die ik met veel plezier uitgevoerd heb.

De start was om 15:00 op het dorpspleintje van Lomnice, een kilometer van de school die naast onze verblijfplaats ook iedere dag de finish (in Tsjechisch:Cil) was. Maar eerst werden wij om 14:00 bij de burgemeester verwacht. Na een hartelijke begroeting werden daar ook alle atleten voorgesteld. Ook kregen wij daar een plastic zak met kadootjes en dus ook ons eerste probleem, immers waar laat je zoiets als je gaat lopen ? Toen heb ik dus geleerd waarom Willem naar ieder loopje Annemarie meeneemt.

Nadat deze hobbel genomen was kon ik mij concentreren op mijn echte problemen. Ik vroeg mij namelijk af of ik überhaupt in staat was om deze etappe uit te lopen. Mijn hele loopplanning was dit jaar gericht op de 100 Kilometer van de nacht van Vlaanderen in Torhout op 19 juni. Ik wilde wel eens weten wat ik zou kunnen presteren op een 100K. Ik had hier heel serieus voor getraind. Ik was er helemaal klaar voor, de kracht , snelheid en conditie waren er. Ook mentaal was ik er klaar voor, totdat ik tijdens de Eifelsteig last van mijn heup kreeg. Bij terugkomst in Nederland ben ik op audiëntie geweest bij mijn huisarts. Hij concludeerde dat ik artrose had. Uiteraard geloofde ik hier geen zak van maar ben wel trouw de medicatie hier tegen gaan slikken. Dit in combinatie met rust zorgde er voor dat ik toch weer in Torhout ging geloven, zei het dat er sterke twijfel was of dit verstandig was. Uiteindelijk heb ik, volgens sommigen tegen beter weten in, op donderdag de beslissing genomen om toch te gaan deelnemen. Vrijdag heb ik een autoritje gemaakt van een goed half uur en hield het hierna niet meer uit van de pijn. Dus in de wetenschap dat het een ritje van ruim twee uur naar Torhout was heb ik besloten om niet te gaan. Uiteraard was dit een heel verstandige beslissing maar ik heb zelden zo gebaald. Hoe het ook zij, de dag er na ben ik begonnen met trainen en om eerlijk te zijn heb ik heel hard getraind. En dat ging perfect 5 dagen achter elkaar. En toen ging helemaal niets meer. Niet alleen hardlopen deed pijn, ook lopen, zitten, liggen etc.. Het zal er wel niets mee te maken hebben gehad dat inmiddels de medicijnen op waren. Mijn huisarts was inmiddels ook tot de conclusie gekomen dat ik geen artrose had en heeft mij door verwezen naar de orthopeed. Omdat ik toch niet meer lopen kon had ik tijd genoeg om daar naar toe te gaan. Hij vermoed dat ik een beschadiging (scheurtjes) aan het labrum heb. In ieder geval zit ik nu in de molen en ben benieuwd hoe dit afloopt. Tot aan de MUM heb ik geen meter meer gelopen, vandaar dus dat ik mij heel sterk aan het afvragen was of ik deze etappe wel uit kon lopen.

Omdat wij tot aan de start bijna een uur in de brandende zon rond gehangen hadden stond ik prima opgewarmd aan de start en heb dus in tegenstelling tot een aantal snelle dames en heren warm lopen en losmaken van de spieren maar overgeslagen.

Na de start ging het meteen omhoog richting “onze school” en daarna ging het ruim 2,5 kilometer echt naar boven. Ik voelde niets of om het beter te zeggen ik voelde dat het gewoon lekker ging. Wat mij nog meer verbaasde is dat ik in de kopgroep liep. Sterker nog, ik vroeg mij af waarom zij niet meer gas gaven. Ik moest echt moeite doen om niet nog sneller te lopen. Schijnbaar is een paar weken rust toch niet zo erg als ik gedacht had. Toen ik omkeek zag ik dat het gat met de rest van de lopers al zeer aanzienlijk was. Gelukkig ging het daarna stijl bergaf door de bossen en door mijn totale gebrek aan souplesse kon ik de echte toppers met een gerust hart voor laten gaan. Daarnaast had ik nog iets moois om mijn ongebreidelde enthousiasme af te remmen: mijn drinkfles. Er waren een stuk of 6 verzorgingsposten gepland. Omdat het erg warm was had ik toch maar mijn heupgordel om gedaan. En omdat je aan een gordel alleen niets hebt had ik ook een extra grote drinkfles meegenomen. Maar soms is té gewoon té. Dus de fles schoof steeds een beetje uit de gordel. Ik was dus met niets anders bezig dan dat ding weer terug te duwen. Omdat er toch veel te zien was onderweg was ik soms afgeleid en vergat ik met mijn drinkfles bezig te zijn. Tijdens de eerste 8 kilometer is mijn fles 4 keer gevallen. En dus mocht ik weer stoppen, bukken en dat ding oprapen. Bij de eerste verzorgingspost heb ik dus een heel originele donatie aan de Tsjechische ultrabond gedaan: een extra grote drinkfles. Daarna stond niets meer het grote genieten in de weg. Dit was een prachtig loopje. Mooie natuur, stevige klimmetjes, prachtige landschappen en een ondergrond waarop ik redelijk uit de voeten kwam. Na 4:16:30 kwam ik als 13e man over de finish. Ik had dus zonder problemen weer een ruime marathon gelopen.

Er was trouwens geen echte tijdslimiet alleen het verzoek van de organisatie om te proberen om voor het donker binnen te zijn. Wat ik wel gelezen had was dat er tussen 18:00 en 20:00 uur voor ons in het plaatselijke restaurant een diner gereserveerd was. Dus toen ik binnen kwam zat ik even te tellen; de meeste lopers waren ruim 5 uur onderweg. Uitgaande van een start om 15:00 uur zag ik opeens een schitterende mogelijkheid om mensen een geweldige diner aan te bieden zonder dat het een cent kost. Na ruggespraak met de organisatie bleek ik dit verkeerd gezien te hebben ; je kon nog tot laat in de avond bij het restaurant terecht. En als het al dicht zou zijn dan zou het eten naar de school gebracht worden. Zodoende had de rest van de Hollandse groep geen enkele reden om niet te douchen en konden we allemaal met een lekkere maaltijd en een koel glas bier terugzien op een geslaagde eerste etappe.

6 juli Boskovice- Lomnice: “it hardly rains”

Die dag zou net zoals de daarop volgende dagen volgens het normale stramien verlopen. Ontbijten, excursie, lunchen, 43 kilometer lopen en dan dineren. De opzet hiervan was mij helder, maar hoe het een en andere concreet in zijn werk zou gaan was mij nog niet geheel duidelijk. Hoe zouden we bij excursie en de startplaats komen? Hoe moest dat met bagage, omkleden en het eten?

Omdat ik mij als wel opgevoede jongen in het buitenland altijd keurig wil gedragen leek het mij niet gepast om in mijn ren-kloffie op excursie te gaan c.q. in een restaurant te verschijnen. Maar om nu midden op straat of in een restaurant mij om te kleden had ik ook geen zin. Zodoende kwam ik op het geniale idee om mijn kleren over mijn loopkleren aan te doen. Bijkomend voordeel hiervan is dat je het ook al is het hartje zomer zeker niet koud krijgt.

Het vervoer was ook heel pragmatisch geregeld. De lopers werden over de auto’s van de mensen die de verzorgingsposten zouden bemannen verdeeld. Met wat pas en meetwerk lukte dat prima. Ik heb ook geleerd dat de verkeersborden in Tsjechië een heel andere betekenis dan in Nederland hebben. Borden waarvan ik dacht dat ze betekenen verboden te parkeren worden daar gebruikt om pal onder te parkeren. Eigenlijk is dat heel slim want doordat er maar weinig mensen zijn die weten dat je daar onder moet parkeren is er daar altijd plaats.

Iedere ochtend hingen de weersverwachtingen, de vertrektijden en de startvolgorde op. Want met ingang van de tweede dag werd de groep ingedeeld in tortoise runners en runners. De eersten starten om 14:00 uur en de rest op 15:00. Nu wist ik op dat moment niet wat tortoise was. Ik kende wel een Engels woord wat er erg op leek en martelen betekende. Inmiddels weet ik dat tortoise landschildpad is. Ik ga er dus maar vanuit dat ze hiermee de groep lopers bedoelden die geen natte voeten wilden krijgen. Tot mijn verbazing was ik ingedeeld bij de 15:00 groep. Uiteraard streelde dat mijn ego maar ik vroeg mij af wat ik bij die echt snelle dames en heren moest doen. Dus heb ik aan de organisatie gevraagd of ik ook niet gewoon om 14:00 mocht starten. Uiteraard was dat geen probleem maar ik moest er dan wel rekening mee houden dat als ik te snel ging de verzorgingsposten niet bemand zouden zijn. Dit leek mij, gezien de hoge temperaturen niet zo’n aanlokkelijk idee. Dus besloot ik om maar voor één keer te proberen om bij de snelle groep te starten.

Voor het zover was, werd het eerst tijd voor wat cultuur. Wij kregen een uitgebreide rondleiding door het museum van Boskovice. Hierna werden wij om 11:00 in een restaurant verwacht. Nu weten we ook dat als je papiergeld wilt wisselen in kleinere coupures en je doet dat bij een machine naast een aantal gokkasten dat je dan een plastic zaak nodig hebt om de muntjes in te doen. Nadat onze voedsel en vocht voorraden weer op peil gebracht waren konden we nog het plaatselijke kasteel en de joodse wijk bezichtigen.

Ons was verteld dat wij het museum konden gebruiken om ons om te kleden en te relaxen voor de start. Omdat ik daar toch wel een beetje moeite mee had heb ik als een zwerver buiten op een bankje liggen uitbuiken. Toen de eerste groep ging starten heb ik mijn stekkie verlaten en ben naar de start gaan kijken. Tot mijn verbazing was de groep veel groter dan het aantal mensen dat op de lijst stond. Na de start ben ik toch maar in het museum naar binnen gegaan. Daar zag ik dat het aantal mensen veel minder was dan op de lijst stond.

Hoe het ook zij, om 15:00 stonden we met een klein groepje voor het gemeentehuis en schoot de burgemeester ons weg. Tot mijn heel groot genoegen liep het gewoon weer lekker bij mij. Dit in combinatie met het schitterende en uitdagende parkoers maakte het lopen tot een groot feest. Ik had heel bewust besloten om tijdens het lopen mijn camera niet mee te nemen. Ik wilde voorkomen dat ik mijn heup door het veelvuldig stoppen en starten extra zou belasten. Zodoende kan ik niet verwijzen naar de mooie plaatje van dit indrukwekkend gebied. Gelukkig hebben Willem, Jannet en Adrie heel wat mooie plaatjes geschoten.

Doordat ik achteraan liep kon ik tevens tegen de mensen bij de verzorgingsposten vertellen dat ze alles wat ik overgelaten had netjes konden in pakken en dat ze daarna verder mochten. Toen ik een dikke twee uur aan het lopen was kon ik dit helaas niet meer doen. Vanaf dat moment begon ik lopers van de eerste groep in te halen. Ik moet eerlijk toegeven dat dat toch wel kicken is, en dat ik het toch wel leuk begon te vinden om in de tweede groep gestart te zijn.

Vlak voor mijn vertrek naar Tsjechië had ik een echte sportbril met hele donkere glazen gekocht. En gezien het zeer zonnig weer was ik daar erg blij mee. Maar dat was een beetje erg optimistisch. Op en gegeven moment werd het pikzwart en barstte een hevig noodweer los. Dat ik binnen een paar minuten door en doornat was vond ik niet echt erg. Maar dat ik helemaal niets meer zag was op zijn zachts uitgedrukt vervelend. Ik moest daar net een heel drukke verkeersweg oversteken en zag werkelijk niets. Normaal hou ik wel van een beetje spanning maar dit was complete waanzin. Het modderpad dat ik daarna moest volgen was een perfecte glijbaan. Gelukkig spoelde de regen de modder waarmee ik tijdens mijn 2 valpartijen besmeurd raakte meteen weer weg. Na verloop van tijd kwam ik over asfaltwegen waar minsten 25 centimeter snel stromend water op stond. Dus mijn schoenen zagen er ook weer als nieuw uit. Ik heb dat stuk maar op mijn gevoel gelopen want de pijlen die de route markeerden waren niet te zien. Na 4:27:40 kwam ik ondanks alles weer met een brede smile, ik hoefde immers geen tijd aan het uitspoelen van mijn loopkleren te besteden, bij de school. Ik zag wel tot mijn schrik dat er water in mijn garmin gekomen was.

Die avond was de stemming weer opperbest. Dit kwam mede doordat we de 200ste marathon/ultra van Adrie konden vieren. Dit cijfer is zeer indrukwekkend. De echte cijfers hierachter zijn iets wat amper te bevatten is: : 4.769 kilometer in 113 marathons en 7.147 kilometer in 92 ultra's, samen 11.916 kilometer. Tel dus maar eens even uit wat een gemiddeld ultraatje dan is. En als klap op de vuurpijl komt dan de bescheidenheid waar dit mee gepaard gaat: “Niet dat dit iets heeft te betekenen in dit gezelschap: vergeleken bij Jack (± 400) en Willem (± 1000) ben ik nog maar een beginnertje”.

7 juli Veverská Bityska – Lomnice: “Het begint een wedstrijd te worden”

Ook tijdens de nacht had ik helemaal geen last van mijn heup gehad. Dus ik zat met enorm goede luim aan het ontbijt. Dat kwam ook een beetje omdat ik de hele nacht had liggen te genieten van allerlei varianten van snurkconcerten.

Tel daar nog bij dat ik inmiddels opgeklommen was tot plaats 9 bij de heren. Normaal loop ik puur om te genieten en wil ik niets liever dan mooie en zware parkoersen. Tijd interesseert mij absoluut niet. Ik geniet er van als ik weer een parkoers bedwongen heb waarvoor ik niet echt gemaakt ben. Dat was hier ook weer het geval. Toch moet ik toegeven dat ik toen ik de uitslag zag ik voor mijn positie in het klassement begon te lopen. Dat werd nog versterkt door het feit dat ik met mijn heupproblemen er in eerste instantie een hard hoofd in had of ik überhaupt de MUM kon uitlopen.

Vandaag stond het bezoek aan een molen annex museum op het programma. Dit was niet echt spectaculair. Ik had ook de indruk dat er in de planning iets niet helemaal goed gegaan was en dat we hierdoor een beperkte ad-hoc rondleiding kregen. Het restaurant was echter weer prima. En hier hadden we dus wat extra tijd. Ik vraag mij nog steeds af wat de normale bezoekers dachten toen ze daar overal lopers zagen liggen. Ik denk dat een loper die languit op een bank lag met een asbak op zijn buik en een sigaret in zijn mond de meeste indruk gemaakt heeft.

De start werd vandaag gedaan door ultraloop legende Tomas Rusek. Omdat ik gezien mijn plotseling opgekomen wedstrijd aspiratie weer besloten had met de 15:00 groep te starten had ik tijd voor een heel prettig gesprek met hem. Dat ik een uurtje langer had stelde mijn lichaam ook erg op prijs want het verteren van een schnitzel van het formaat deurmat kostte ook een beetje tijd.

Dit was weer een prachtig parkoers met voor iedereen meer dan voldoende uitdagingen. Ik zag bij de start dat de 14:00 groep omschreven werd als trutles en snails. De 15:00 als rabbits en horses. Kortom alle lopers waren beesten. Tot mijn verbazing haalde ik vandaag de eerste loopster vlak na de 2e verzorgingspost in.
Die verzorgingsposten stonden trouwens niet echt regelmatig met name in het midden stuk (tussen 3 en 4) zat er ruim 10 kilometer tussen. Dit vond ik erg jammer omdat het behoorlijk heet was. Toen ik bemerkte dat post 3 nog ruim 3 kilometer eerder dan gepland stond begon ik mij wel wat zorgen te maken. Maar ook dat probleem loste zich van zelf op. We moesten op een geven moment een stevige klim maken naar een soort uitkijk/ Gsm toren. Boven aangekomen was er een gesloten hek. Ik heb behoorlijk moeten priegelen om dit hek op te krijgen. Vlak van te voren had ik weer twee lopers ingehaald. Dus toen ik door het hek was heb ik om hen de ellende te besparen het hek provisorisch dicht gedaan. Waar hij vandaan kwam weet ik nog steeds niet. Maar opeens stond er een grote dikke kerel met ontbloot bovenlijf en een woeste baard voor mij. Wat hij allemaal riep verstond ik wel maar begreep ik niet. Ik had meteen in de gaten dat hij niet bezig was met het geven van complimenten over mijn loopstijl. Ik probeerde hem duidelijk te maken dat er vlak achter mij nog meer lopers waren en dat zij dan het hek wel zouden afsluiten, maar ik geloof niet dat dit tot hem doordrong. Ik zat op dat moment in iets wat wel heel sterk leek op een militair complex en kreeg ook meteen associaties met mijn bezoek aan Tsjechië 30 jaar gelden. Kortom: ik had helemaal geen dorst meer en kon stevig doorlopen.

Aan het einde van de etappe baalde ik er opeens heel erg van dat ik niet om 14:00 vertrokken was. Toen ik nog een kilometer of 5 voor de boeg had werd het weer heel erg donker. In de beschrijving van de MUM stond “it hardly rains”. Dit was de vertaling van de oorspronkelijke Tsjechische beschrijving. Volgens mij had de vertaling echter moeten zijn “it rains hard”. Het was dus weer een complete wolkbreuk. Onbeschrijfelijk hoe nat en koud je binnen één minuut kunt worden. Ik haalde op dat moment net Jannet en Jack in en besloot dus maar gas te geven zodat ik kon zorgen dat er voor hen droge handdoeken klaar lagen. Het laatste stuk was gelukkig asfalt en ging 12% omlaag. Normaal heb ik daar grote moeite mee maar door de enorme wateroverlast in combinatie met mijn maatje 48 gleed ik als vanzelf omlaag. Onder aangekomen kwam mijn favoriete stukje dat ik geduurde de hele MUM 4 keer heb mogen lopen. De klim naar de kerk van Lomnice, een heuvel in vergelijking waarmee de muur van Battice een vluchtheuvel is. Dus 800 meter lang puur plezier met een stijgingspercentage van meer van 25 procent.

Aangekomen bij de school stond, zoals iedere dag, Daniel Oralek, de winnaar, weer klaar met zijn camera om iedere loper te feliciteren en op de gevoelige plaat vast te leggen. Daniel, onder meer de winnaar van Winschoten 2008, ging ’s morgens naar zijn werk. Kwam ’s middag even een wedstrijdje winnen. Pakte dan zijn camera en maakte de plaatjes. Als iedereen binnen was dronk hij met ons nog even een biertje en ging dan rustig naar huis. Dit zegt wel genoeg over de sfeer. Ondanks die geweldige sfeer en het feit dat ik weer met een geweldige smile binnenkwam kreeg ik ’s avonds toch even goed de smoor in. Mijn Garmin was weer vol met water gelopen en had nadat ik de bestanden op mijn p.c. gezet had de geest gegeven. De garantie was net een paar maanden verstreken. Dus per saldo was dit helemaal niet zo’n goedkoop loopje.

8 juli Kunštát –Lomnice: “en toen ging het mis”

Na 3 etappes was ik opgeklommen tot plaats 5 bij de mannen. Er bestond bij mij geen twijfel meer over dat ik de MUM zou uitlopen. Omdat ik wist dat nummer 3 er over 1 of 2 dagen uit zou stappen behoorde zelfs plaats 4 tot de mogelijkheden. Daarom besloot ik die dag strategisch te gaan lopen. Ik had al een aanzienlijke voorsprong op de twee lopers na mij in het klassement. Als ik die voorsprong nog een beetje kon uitbouwen dan hoefde ik de laatste drie dagen maar bij hun in de buurt te lopen en dan was het “kat in het bakkie”.

Vandaag werd eerst geluncht en stond vervolgens het bezoek aan het kasteel op het programma. Bij het kasteel was ook de begroeting van de burgemeester gepland. Tevens was daar de start. De rondleiding was heel interessant; eigenlijk wel jammer dat de gids alleen maar Tsjechisch praatte.

Vandaag moeten we de felle afdaling uit het kasteel richting dorp lopen en dan over de hoofdstraat. Achter het dorp moesten we een rondje van een kilometer of 10 door de bossen en over de heuvel lopen. Dan terug over de hoofdstraat en dan via een paar stevige heuvels naar onze school. Organisator Adam waarschuwde ons dan ook dat we niet raar moesten opkijken als we in de hoofdstaart pijlen naar twee richtingen zouden tegen komen. Mijn strategie was om de lus achter het dorp zo behoudend mogelijk door te komen en dan op het laatste stuk, wat mij qua ondergrond wel lag, flink te geven gas.

Gister had ik spijt dat ik laat gestart was. Was ik vroeg gestart dan was ik voor het noodweer binnen geweest en had mijn Garmin het overleeft. Nu was het omgekeerd. Want toen de 14:00 groep 15 minuten onderweg was kwam er een heel stevige bui.

De eerste 3 kilometer liep ik samen met de latere winnares bij de dames. Bij een afdaling in het bos stond ik weer op de rem. Dus was ik vanaf dit punt alleen. Door dat ik mijn Garmin niet meer had, had ik geen idee van mijn tempo. Tot mijn verbazing was ik binnen een uur bij de 2e verzorgingspost, volgens de planning stond die op kilometer 11. Ik had dus het moeilijke stuk dat ik behoudend wilde lopen achter de rug en kon aan mijn tempo stuk beginnen. Ik lag dus al behoorlijk voor op mijn planning. Nu moest ik weer over de hoofdstraat en dan zou het na het verlaten van Kunštát richting Lomnice gaan. Als ervaren loper loop ik altijd links van de weg. Toen ik de hoofdstraat in liep kwam ik van rechts en omdat er redelijk wat verkeer was besloot ik te wachten met oversteken tot het minder druk was. Toen ik het dorp bijna uit was zag ik een fel oranje pijl naar rechts. De pijl had dezelfde kleur als de pijlen waarop ik de afgelopen dagen gelopen had. Maar in tegenstelling tot de eerdere pijlen had deze aan beide kanten een pijlhoofd. Gelukkig herinnerde ik mij dat Adam daar iets over gezegd had. Dus rechtsaf. Normaal hingen er ook papieren lintjes. Die zag ik hier niet. Maar ik had de vorige dagen al gemerkt dat de regen er voor zorgde dat die lintjes letterlijk opgelost werden.

Bij het lopen op pijlen weet je dat je bij iedere kruispunt weer een pijl tegen moet komen. Is dit niet het geval dan heb je iets fout gedaan en mag je terug naar de vorige pijl. Dus toen ik bij het eerst volgende kruispunt kwam en weer een pijl zag wist ik dat ik goed zat. Ik miste mijn Garmin en moest mijn snelheid en de afstand dus in schatten aan de hand van de verzorgingsposten. De volgende post zou er over 6 a 7 kilometer moeten zijn. Exacte wetenschap was dit niet want soms stond hij wel eens een kilometer eerder en soms een kilometer of 3 verder. Toen ik na een minuut of 40 nog geen post gezien had vond ik dit niet echt alarmerend. Na een uur ook niet , maar toch…. Vreemd was nog steeds dat ik perfect via de pijlen liep. En dit waren ook absoluut verse pijlen. Na anderhalf uur voelde ik behoorlijk nattigheid, net zoveel als ik heel graag wilde drinken. Na 2 uur wist ik heel erg zeker dat er iets goed mis was. Ik stond namelijk in een heel mooi dorpje en de pijlen waren op. Inmiddels had ik 3 uur stevig gerend waarvan de laatste 2 uur zonder iets te drinken. Ondanks het feit dat ik de naam van dit dorpje niet kan uitspreken zal ik hem nooit meer vergeten: Olešnice. In het centrum van het dorpje stond een bord met een landkaart. Plaatsen met schitterende namen stonden hierop maar Lomnice niet. Ik heb toen een aantal mensen gevraagd waar Lomnice lag c.q. hoe ik daar komen kon. Maar de taal is echt een probleem. Ook kan ik mij wel voorstellen dat als ik Lomnice zeg de gemiddelde Tsjech denkt dat ik op zoek ben naar een Chinees specialiteiten restaurant. Daarom wees ik op mijn startnummer waar de plaats heel netjes op stond. Dit hielp ook niet. Toen schoot mij te binnen dat wij bij de start een kaartje met de route gekregen hadden. Omdat ik geen andere plek wist had ik dit op mijn lichaam gedragen. Dit was de leesbaarheid niet ten goede gekomen. Toch kon ik in de linker bovenhoek de naam van een plaats zien waar ik een hele tijd geleden door gekomen was. Lomnice lag helemaal in de linker onderhoek van het kaartje. Normaal gesproken zou het meest verstandige zijn om de route die ik had gelopen weer terug te lopen naar Kunštát. Ik was nu 3 uur onderweg. Na twee uur zou ik dan in Kunštát zijn en dan zou ik nog 31 kilometer moeten lopen. Totaal zou ik dus minimaal 8 uur aan het rennen zijn. Hiervan zou ik de laatste 7 uur zonder iets te drinken moeten lopen. Dit zou waarschijnlijk tot serieuze problemen lijden (en hier staat bewust een lange ij!). Bovendien zou ik waarschijnlijk de laatste 1,5 a 2 uur in het donker moeten lopen. Dat ik dan geen pijlen zou zien was geen probleem want die had ik nu ook niet gevonden maar toch leek mij dat niet verstandig. Gelukkig had ik mijn telefoon en mijn geld goed opgeborgen in de school. Dus hoefde ik mij daar geen zorgen om te maken. Kortom ik had een probleem en om het eerlijk te zeggen: ik zat niet ver van vette paniek af. Uiteindelijk besloot ik maar die richting uit te lopen waar volgens mijn gevoel Lomnice moest liggen. Ik heb zelden zo hard gelopen. Paniek geeft vleugels.
Na verloop van tijd zag ik een oranje pijl. Ik kon wel janken van blijdschap. Toch was er een stemmetje in mij dat zei, wacht nog even met feesten. Want ik zat dan (hoopte ik) op een MUM route maar dat wilde nog niet zeggen dat deze rechtstreek naar de finish ging. Voor hetzelfde geld zat ik aan het begin van een route en had ik nog een kleine 40 kilometer voor de boeg. Dus bleef het tempo er nog stevig in zitten of om het anders te zeggen de paniek was nog niet voorbij. Toen ik op een geven moment in de verte de kerk van Lomnice herkende was ik onbeschrijfelijk blij.

Toen ik na 4:23:02 arriveerde was ik niet de enige die blij was. Omdat ik niet bij verzorgingsposten gearriveerd was, is men naar mij op zoek gegaan. Ze hadden fietsers met een foto van mij het parkoers laten na fietsen. Een geweldige actie die ik erg op prijs stelde. Alleen was het parkoers nu precies de enige plaats waar ik niet was. Maar goed, toen ik vertelde waar ik gestrand was (spreek uit in Olieschnitsel) wist men ook wat ik gedaan had. Op 18 juli wordt er de TMMTR georganiseerd. Deze TransMoravian Masochist Trail Race deze tocht over 161km draagt volgens mij niet alleen een erg toepasselijke naam maar kruist ook de MUM. Als ik dus in Kunštát meteen aan de linker kant van de weg gelopen had, had ik die pijl nooit gezien en had ik dus een heel mooi stukje van Moravia niet gezien.

Hoe het ook zij, bij analyse door de organisatie bleek dat ik vandaag heel wat kilometers extra gelopen had. Daarom stond ik ‘s avond ook mooi als 7e finisher op de lijst en schoof ik op naar plaats 5 bij de mannen. Eigenlijk interesseerde mij dat geen hol : ik was blij dat ik dit avontuur zonder verder kleerscheuren overleefd had. Dus ’s avond bij het eten was ik echt uitgelaten en was het een dolle boel.

9 juli Tišnov – Lomnice: “Dikke shit”

Inmiddels was loopdag 5 aangebroken. Vandaag stond Tišnov op het programma. Hier stond een mooi kloostercomplex op het programma. Helaas konden wij de kerk niet van binnen bekijken. Na de prima lunch ging het richting gemeentehuis. Daar werden wij met kadootjes en drinken door de burgmeester in de raadzaal ontvangen.

Vervolgens stond de raadzaal tot onze beschikking. Als ervaren MUM’er had ik er geen enkel probleem mee om in de raadszaal van een aantal stoelen een bedje te bouwen. Dit is best comfortabel.

Voor het lopen was mijn doelstelling heel simpel. Niet verlopen! Gisteren had ik geleerd dat ik veel beter geschikt ben voor fun-runner dan wedstrijdloper. In dit kader stelde ik ook op prijs dat ik door de organisatie op een aantal kritieke plekken in het parkoers gewezen werd. Met name bij een verzorgingspost moesten we een stukje op en neer lopen. Dit zou toch moeten kunnen lukken.

Het eerste stuk liep ik samen met een Duitse loper die op plaats 3 stond maar die helaas na vandaag uit zou stappen. Hij sprak zijn verbazing uit over dat ik bergop rende terwijl iedereen wandelde. Ik had mij inderdaad voor genomen om te proberen om alles te rennen. Uiteindelijk zijn er op de 7 dagen 2 stukjes geweest waar ik heb moeten wandelen. Of dit zinvol was weet ik niet want ook al rende ik bergop, de afstand die ik hiermee vooruit liep was nooit echt spectaculair, en bergaf leverde ik dat dubbel in.

Ook al had ik afgeleerd om tegen de klok te lopen ik wilde toch bewijzen dat ik weer helemaal hersteld was van mijn avontuur. Dus liep ik stevig door ook al liep ik bij de geringste twijfel even terug.

Na verloop van tijd kwam ik bij de eerder aangekondigde verzorgingpost. Deze zat rond kilometer 20 en de volgende 10 kilometer zou er geen post meer zijn. Toen ik richting de post liep kwam Iryna Rysina uit Rusland mij tegen. Deze loopster heeft ook heel wat overwinningen op haar naam staan. En toen ik haar de eerste dag bezig zag was ik ervan overtuigd dat zij bij de dames winnen zou en ook in het algemeen klassement heel hoog zou eindigen. Dat ik haar hier tegen kwam kon of betekenen dat het “op en neer” stuk erg lang was of dat zij in de problemen zat.

Uiteindelijk bleek het met haar niet echt goed te gaan. Ik heb haar toen op sleeptouw genomen tot de volgende verzorgingspost bij een tankstation. Die post werd bemand door onze arts. Daar heeft zij een aantal keren overgegeven. Het contrast kon trouwens niet groter zijn want op dat moment kwam Willem met een reuze ijs uit het tankstation. Achteraf was dit weer en slimme zet want wij gingen niet door Tišnov maar een flinke heuvel naast het dorpje omhoog en daarna uitaard weer omlaag.

Hierna ging het meteen weer flink omhoog en begon ik de finish te ruiken. Uiteraard was dit wel een beetje optimistisch want eerst kwam er nog een geweldig mooi fietspad. Volgens mij een van de weinige stukjes onbeschadigd asfalt in Moravia. Aan het einde zag ik Jack. Het leek mij geweldig om samen met deze geweldenaar over de finish te komen. Helaas hield op een gegeven moment het asfalt op en kregen we ter compensatie een erg steil paadje richting Lomnice centrum. Door die ongein moest ik uiteindelijk aan de finish nog ruim 2 minuten op Jack wachten.

Deze etappe heeft mij 4:14:06 gekost. Dus was ik weer meer een ruim kwartier op de volgende in het klassement uitgelopen. Na een kopje soep, een fles bier en een heerlijke douche was mijn dag meer dan goed. Toen we gingen eten hing de bijwerkte uitslag weer in de gang. Tot mijn grote verbazing was mijn tijd van gisteren vervangen door DSF en stond ik ineens op een plaats ergens in de 20. Ik snapte het even niet. En mijn goede zin sloeg meteen om naar pokkezin. Eerlijk is eerlijk, ik was gekomen om te lopen en uitslagen tijd etc. boeiden niet. Maar dit raakte mij. Of om het duidelijk te zeggen: het voelde of iemand mij gigantisch hard in mijn edele delen
(hier stond eerst iets anders) getrapt had. Ik was de rest van de avond dan ook niet te genieten en zelfs het eten smaakte mij niet.

Uiteraard ben ik gaan nadenken wat mij nu dwars zat. Een feit was dat ik niet de vorige etappe van de MUM gelopen had. Dus als men toen gezegd had “jammer dan”, had ik daar alle vrede mee gehad. Maar men had mij met de tijd die ik gelopen had op een buiten discussie langere afstand onder dezelfde omstandigheden in vergelijkbaar terrein in de uitslag meegenomen. Niet onredelijk, zeker als je hiermee bedenkt dat de degenen die achter mij in het klassement stonden niets te kort gedaan waren. Wat mij het meeste stoorde was dat men nu zonder enige vorm van overleg tot iets anders besloten had. Nadat ik mij eerst 2 uur geërgerd heb, ben ik toch maar met Adam gaan praten. Dit was ook al door de Duitsers gebeurd die de hele gang van zaken niet echt fraai vonden. Uiteindelijk was het verhaal dat ik niet de officiële etappe gelopen had en daarom niet ik de uitslag kon komen. Op zich klopt dit ook, de eerlijk gebied mij ook te zeggen dat ik denk dat als ik als organisator iets dergelijks aan de hand gehad had ik ook zo beslist zou hebben. Omdat ik een bevestiging wilde dat ik minimaal 300 kilometer in een bepaalde tijd gelopen had heb ik afgesproken dat ik met 43 kilometer en de tijd die ik onderweg geweest was in de lijst zou komen en dat ik als laatste van de 300 km lopers gerankt zou worden. Voor mij een prima oplossing waarbij ik niemand iets te kort deed en mijn prestatie toch tot zijn recht zou komen. Zoals het onder sportmensen hoort heb ik Adam toen een hand gegeven en hier ook geen woord meer aan vuil gemaakt. Zeker nu ik hier na een weekje over nadenk is dit een prima oplossing. Ik heb ook absoluut geen negatieve gevoelens meer bij. Ik vind dit zo’n schitterend gebeuren waar absoluut geen negatieve bijklank bij hoort. Bovendien ben ik best een beetje trots dat ik zo toch maar mooi gezorgd heb dat alle Nederlanders weer een plaatsje opschoven in het algemeen klassement. En tenslotte in mijn eigen verhaaltjes presenteer ik mij toch lekker als nummer 4.

10 juli Bystøice n Perstejnem-Lomnice: ”ik loop weer met plezier”

Vandaag hebben we een schitterend kerkje bezichtig. We kregen een heel uitgebreid verhaal in het Tsjechisch en vervolgens een zeer kernachtige vertaling in het engels.

De lunch was in een cafetaria-achtige tent en met afstand de slechtste tot nu toe. Positief als ik ben zou ik ook kunnen zeggen dit was normaal en de rest was erg goed. Daarna ging het richting museum. Na de speech van de burgemeester was het best goed rusten op de grond onder abstracte schilderijen. Niemand begreep trouwens waarom ik zo enorm moest lachen tijdens de toespraak van de Burgemeester. Uiteraard wil ik dat wel toelichten. Deze maand had ik besloten om na 31 jaar trouwe dienst mijn baan op de zeggen. Uiteraard heb ik ook de daad bij het woord gevoegd. Een van de neveneffecten hiervan dat ook niet meer de maandelijkse fooi binnen kwam. Mij interesseerde dat niet zo. Mijn echtgenote dacht daar heel anders over. En dus gedachtig de woorden van Gerard van het Reve :”een man moge veel weten een vrouw begrijpt alles”. heeft mijn vrouw mij gestimuleerd om toch maar weer een baantje te zoeken. En laat ik mij nu met name bezig gaan houden met de controle op de door de EU verstrekte subsidies. Dus toen de burgemeester vertelde dat het centrum van de stad een grote puinhoop was maar dat dit dankzij de bijdragen van de EU (en hij bedankte zelfs Nederland) heel mooi zou worden. Kon ik een grijns niet achterwege laten; zeker toen hij nog toevoegde dat het voor hem alle maal niet zo luxe hoefde maar ja als je geld toch zomaar kreeg…..

Over het lopen kan ik kort zijn. Leuk, uitdagend, een bruggetje dat helemaal rot was, 43 kilometer, 4:31:07, 6e plaats dagetappe en niet verlopen. Althans op een geven moment kwam ik in een t-splitsing in een bos en daar stonden pijlen naar rechts omlaag en naar links naar boven Ik wist het dus even niet meer. Toen een klein stukje naar boven gelopen was herinnerde ik mij dat ik hier de eerste dag ook gelopen had. Dus omlaag. Gelukkig kwam na een kleine 2 kilometer de verzorgingsposten en wist ik zeker dat ik goed zat.

Deze avond was een barbecue avond in ons restaurant. Tevens was er live muziek en gelegenheid tot dansen. Adrie is vegetariër. Over het algemeen ging dat in de restaurants best goed toch was ik benieuwd hoe ze dat tijdens de BBQ zouden oplossen. Ik moet zeggen de oplossing was heel creatief. Hij kreeg 5 donuts. Het was echt koud die avond. Omdat de BBQ en het dansen buiten was en wij niet echt op koud weer gekleed waren besloten wij toch om redelijk vroeg terug te gaan naar de school. Schijnbaar was iedereen na 6 dagen lopen toch wel een beetje moe. Want er werd zo hard gesnurkt dat ik iedere moment het orkest aan de deur verwachte met het verzoek om wat zachter te zagen omdat ander het publiek hun muziek niet kon verstaan.

11 juli Lomnice- Lomnice: “het feest is weer voorbij”

In middels was alweer de laatste dag aangebroken. Gelukkig waren nog alle Nederlanders in de race. Dus zouden we allemaal het t-shirt wat wij de eerste dag gekregen hadden mogen aan trekken.

Vandaag was de start en finish bij onze school. De gemiddelde snelheden van de afgelopen week waren berekend en op grond daarvan was de startvolgorde bepaald. De start vond plaats tussen 8:50 en 11:45. Ik zat vrij achteraan en kon dus de meeste lopers zien starten.

Vandaag waren het twee rondjes waarvan het eerste stuk hetzelfde was.
We ging omlaag het dorp in en toe het pad af waar we aan het einde van de vijfde etappe omlaag gekomen waren. Na zes dagen lopen worden je spieren toch wel een beetje stram en dan is meteen steil omlaag niet echt prettig. Daarna kwamen we op het heerlijk vlakke fietspad. De eerste verzorgingspost stond na 6 kilometer. Hier kwam ik na iets meer dan 26 minuten door, Als je die tijd ziet realiseer je je pas hoe zwaar de rest van de parkoersen was. Daar kwam je trouwens daarna meteen weer achter. Tot de vervolgende post ging het stevig omhoog . En toen kwam een stuk waar ik ben moeten gaan wandelen. Als je daar dan zo omhoog strompelt is het heel plezierig om te weten dat je dat stuk straks nog eens voor je kiezen krijgt.

Inmiddels was het weer zaterdag en waar er weer heel wat lopers die de eerste etappe gelopen hadden of die vandaag even een stukje wilden lopen. Dus werd ik aan het einde van de tweede etappe een aantal keren ingehaald.

In ons gezelschap was al de hele week een loper uit Rusland die alle etappes met zijn mountain bike gefietst had. Hij vertelde mij dat hij ook een aantal redelijke marathons gelopen had (p.r. 2:18 !) Deze dag liep hij toch ook maar eens mee en toen hij mij inhaalde zag ik dat hij het verlopen niet verleerd had.

Uiteindelijk was ik na 4:02:31 binnen en was ik een tevreden mens dat ik de MUM gelopen had.

Nadat de vochtreserves weer adequaat aangevuld waren en het laatste zweet weggespoeld was ging het richting afsluit ceremonie. Eigenlijk vond ik het wel grappig dat ik officieel laatste geworden was. Nu kreeg ik tenminste als eerste mijn diploma.

Samenvattend
Als ik terug kijk is het een fascinerend loopgebeuren geweest. Ik heb een serieuze blessure. Ik heb ingeschreven en betaald en beloofd dat ik rijden zal. Dus ben ik op reis gegaan naar het verre Tsjechie. Ik heb geen flauw idee of ik in staat ben om een etappe te lopen. Uiteindelijk gaat het zo goed dat ik serieus begin te geloven dat ik hoog in het klassement kan eindigen. Door een stomme samenloop van omstandigheden raak ik het spoor even helemaal bijster. Uiteindelijk kom ik toch weer boven water. Uiteindelijk heb ik een geweldige loop meegemaakt. Hier zat denk ik alles in wat lopen fantastisch maakt. Hoge toppen en diepe dalen zowel fysiek als emotioneel.

Nu is al de afspraak gemaakt dat ik volgend jaar terug ga en ik weet zeker dat ik niet de enige bewoner van Holland House ben die terug komt. Of ik volgend jaar geen stommiteit uit haal weet ik helaas niet zo zeker…..

En over onzekerheden gepraat. Inmiddels is de uitslag van de MRI scan bekend. Het enige positieve hieraan is dat ik nu weet wat er aan de hand is.

Henk Geilen
Info provider loopplezier.tk
www.loopplezier.tk
home.hccnet.nl/h.geilen/index.html
 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
Swiss Jura Marathon 5 tot en met 11 juli 2009

Mijn eerste etappeloop. 7 dagen lopen in de Zwitserse Jura van Geneve naar Basel over 350 km, die voor mij bleven steken bij 241 km. De bijbehorende foto’s van mij staan onder http://picasaweb.google.nl/oldboys2009/SwissJuraMarathon2009#

1e dag
Zondag de eerste loopdag was warm. De eerste 26 km verliepen grotendeels vlak, maar deze dag werd vooral gedomineerd door een lange klim van 500 meter naar 1680 meter. In een verslag van vorig jaar had ik gelezen dat je op het (bijna) vlakke deel het beste maar een beetje door kon lopen om voldoende tijd over te houden voor de klim. Na 2:50 uur lopen in de warme zon was ik bij de tweede verzorgingspost aan de voet van de klim. Langzaam werd het daarbij bewolkt en terwijl de klim steeds steiler werd begon het licht te regenen.

Ik ben niet geschikt om te klimmen, maar ik heb inmiddels geleerd met niet te veel nadenken, niet te veel vloeken en gewoon rustig doorlopen dat ik toch wel boven kom. En dus kwam ik boven. Vlak voor de laatste verzorgingspost begon het hard te regenen. Zonder dat ik in de gaten had dat ik bijna bij de verzorgingspost was trok ik met veel moeite een regenhoesje aan terwijl ik lekker nat werd. Maar als ik was doorgelopen had ik dat lekker droog bij de verzorgingspost kunnen doen. Later kreeg ik door dat als de lintjes van Rivella veranderden in vlaggetjes van Rivella dat een verzorgingspost nabij was. Bij die post wachtte ik de ergste regen af en daarna liep ik weer door.

Samen met de Zwitserse Barbara begon ik aan de slotklim van 200 meter naar de top. In die klim begon het weer te hard te regenen en nu met bliksem erbij. Voor de start had de organisatie nog gemeld dat de route via de top er uitgehaald zou worden bij bliksem, omdat het de hoogste top is in de omgeving, maar wij waren al op weg naar boven. De bliksem was nog wel even een paar kilometer verderop dus we besloten maar gewoon door te gaan. Zelf ben ik nooit zo bang voor bliksem, maar op de top was de bliksem wel heel dichtbij. Maar gelukkig was de top was niet zo kaal als gezegd want er stond een soort weerstation, en die zou toch zeker als eerste worden geraakt. De hoosbui ging ook gewoon door en dat maakte de afdaling wel glad. Het water wilde via het zelfde pad naar beneden als waar wij over moesten lopen. Op een steil stuk rotspad ging het water harder naar beneden als wij. Door geconcentreerd te blijven werden alle moeilijke passages bedwongen en kwamen we heel beneden. In de weilanden konden we weer een beetje doorlopen, maar ook daar was het glad en door wat minder concentratie ging ik daar wel onderuit, maar meer dan wat vieze kleren leverde dat niet op.

Het laatste stukje was weer een gewoon licht afdalend verhard pad, en terwijl de regen er mee op hield was ik na een kleine 7 uur lopen bij de finish. Althans ik was gewoon de sporthal binnengelopen die 200 meter voor de finish was. Gelukkig wist een andere loper mij duidelijk te maken dat ik nog even door moest, dus schoenen weer aan en nog even doordribbelen.

Voor mijn doen redelijk fris na zo’n bergetappe liep ik savonds rond in de sporthal. Volgens anderen liep ik al wat moeizaam, maar zo loop ik ook als ik een uurtje op een stoel heb gezeten.

2e dag
Pas de volgende morgen begon ik iets te merken van opkomende spierpijn. Maar deze dag slechts 45 km en niet zo’n reusachtige klim als de eerste dag dus ik zou het wel kunnen redden. Vlak na de start kwam ik erachter dat mijn schoenen nog waren gestrikt in de slenterstand, dus bond ik ze iets vaster. En zo was ik even laatste loper, iets wat mij de dagen erna nog veel vaker zou overkomen. De 4 lopers voor me had ik zo weer bij gehaald omdat ze stonden te wachten voor een gesloten spoorovergang. Met een paar minuten vertraging konden we weer verder. Eerst met een kort klimmetje, waarbij ik weer achterop raakte, maar daarna door een mooi glooiend landschap, waarbij ik steeds wat lopers om me heen had. Bij de eerste verzorgingspost nam ik uitgebreid de tijd om te eten en te drinken en mijn voeten nog eens goed in te smeren met anti blaren gel. Helaas vergat ik daarbij mijn hiel, waarop de eerste en enige blaar ontstond die week. De hele etappe bleef ik in de achterste gelederen lopen, maar ik had steeds het idee dat ik tijd genoeg had.

Het lopen ging best goed, maar op een of andere manier had ik het niet zo naar mijn zin die dag. Voor het eerst was mijn maag een beetje van streek en ik denk dat dat wel een belangrijke rol heeft gespeeld bij het gevoel. Volgens zeggen was het de 2e dag de mooiste etappe, omdat we geen enkel dorp zouden aandoen, maar alleen over velden, door bossen en over een paar mooie toppen zouden lopen. Het jammere van bossen in zo’n gebied is echter dat, bij de sporadische momenten dat ik even niet op hoefde te letten waar ik mijn voeten zou plaatsen, er weinig doordrong van de omgeving. De velden, maar vooral de redelijk kale toppen waren wel fantastisch mooi. Die dag heb ik ook de mooiste foto’s gemaakt. Het was ook prima loopweer.

Omdat ik zo langzaam ging bij de posten en op het laatst wat meer last van mijn maag kreeg bleef ik achterin lopen, en uiteindelijk had ik niet veel tijd meer over aan de finish. Wel op tijd, maar met een vervelend gevoel kwam ik binnen. Ik voelde me wat misselijk had wat meer spierpijn in mijn bovenbenen en morgen zou de etappe 11 km langer zijn, met maar een uur langer looptijd. Terwijl de meeste lopers lagen en zaten bij te komen van de etappe van vandaag hobbelde ik een beetje misselijk rond in het dorp.

Gelukkig knapte het tegen het avondeten op en was ik nog mooi op tijd voor het praatje van Urs van de organisatie en kon ik gewoon mee eten. Het slapen in de sporthal viel me erg mee. Anderen hoorden wel anderen snurken, maar zelf hoorde ik helemaal niets. Toch een voordeel dat ik mezelf niet kan horen. Het snachts naar de WC gaan was nog wel een hele onderneming. Niet dat die nou zo ver weg was, maar het duurde even voordat ik vanaf de grond in staande toestand kwam en kon gaan lopen.

3e dag
De derde dag begon met stramme benen en aardig wat spierpijn. Ik zag wel erg op tegen deze langste dag met 56 km. Maar volgens zeggen was het eerste deel goed te lopen, en dat klopte ook zodat het goed opschoot de eerste 23 km. Voor mij een mooi parcours om te lopen. De heuvels stegen maximaal 100 meter en daarna kon ik weer gewoon doorlopen. Ik kreeg er steeds meer zin in. Na 23 km begon de grote klim van 700 meter naar 1530 meter. Deze ging rustig aan maar wel voorspoedig. Vooral op het onderste gedeelte kon ik nog regelmatig een stuk hardlopen. Zo zou ik deze dag makkelijk uitlopen. Het laatste stuk naar boven was nog wel lastig, maar ook wel mooi. Af en toe moesten er wat koeien opzij, maar meestal stapten ze netjes opzij als ik het vriendelijk vroeg, en moedigden mij daarna luid aan met koeienbellen.

De afdaling vanaf de top begon bijzonder steil over een glad pad. Leuk, maar niet zo goed voor de gemiddelde snelheid. Een kilometer verder en 200 meter lager werd het snel beter. Nu kon ik weer tempo maken, maar voor het eerst begon mijn maag nu dwars te zitten. Met een iets rustiger tempo ging het wel, dus zo op weg naar de volgende klim.

Omdat mijn gevoel voor afstand mij volledig in de steek liet in de bergen liep ik alleen nog maar op tijd, en dat rekende ik zo goed als dat kon om naar afgelegde afstand. Maar omdat ik het parcours ook niet goed in mijn hoofd had zitten dacht ik al 2 keer aan de volgende grote klim te zijn begonnen, maar kwam er steeds weer een stuk afdaling of vals plat. Normaal een lekker parcours, maar nu kwam ik door mijn maag niet echt meer in een lekker ritme. Toch nog redelijk fris bereikte ik de 3e verzorgingingspost, en nu zou de klim zo beginnen. Eerst nog redelijk vlak maar al snel weer op de tenen lopend naar boven. Verrassend snel nog kwam de top in zicht, maar dat bleek niet de echte top. Via een prachtige kam met klimmen en dalen duurde het nog wel even voordat ik echt boven was. Een mooi uitzicht, maar nu begon toch ook de tijd te dringen, en mijn toestand was nou ook niet meer florissant te noemen. Ik kwam blijkbaar nogal bleek boven, want twee mensen van de organisatie keken wat bezorgd. Als dat maar goed gaat zullen ze wel gedacht hebben dacht ik, en later bij de finish vertelde een van hen dat ze dat inderdaad gedacht hadden. Maar goed ik had nog 1:10 uur voor de laatste 8 km bergaf. Dat moest kunnen lukken. Het eerste stuk ging nog wel met de nodige haperingen en na een paar halve struikelpartijen sprak ik mezelf even ernstig toe. Dat hielp. Na nog een paar lastige passages en een onloopbare bergweg in aanleg kon ik eindelijk weer doorlopen, maar nu werd het wel al laat. Harder dan goed was voor mijn maag snelde ik naar beneden, en pas vlak voor het dorp wist ik dat ik het net zou halen. 3 minuten voor sluitingstijd was ik binnen. Nu moest ik nog een aardig stukje lopen naar de sporthal maar dat was wel goed om weer even bij te komen. Ik leek er toch nog aardig vanaf te zijn gekomen. Ik kon nog een half bord spaghetti eten en dacht ook even lekker te douchen. Maar de douche in de ijshockeyhal was niet zo warm en ik kreeg het daar erg koud. 5 minuten onder de haarfohn in de kleedkamer bracht gelukkig weer de nodige warmte. Om half zes ging ik naar de massage. Lekker voor mijn benen, maar minder voor mijn hoofd, en misselijk kwam ik de tafel af. Lastig zo vlak voor het eten. Onderweg naar de eetzaal heb ik toen maar overgegeven. Eten ging nu wel weer, maar alles brandde in mijn keel en terug in de hal ben ik maar gelijk gaan liggen.

4e dag
Ik sliep nog best aardig, maar de hele nacht had ik last van mijn maag en ineens wist ik weer dat het hetzelfde was als ik 2 jaar geleden had gehad. Een ontsteking aan het eind van mijn slokdarm. Toen mocht ik ook gewoon doorlopen van de dokter, dus dat kon nu ook wel. Bij het ontbijt kon ik nog wat eten naar binnen krijgen, en bij de regenachtige start voelde ik me best goed. Maar direct na de start voelde mijn maag als een blok beton en bij de eerste helling buiten het dorp moest ik alle andere lopers laten gaan. Maar dat was bijna altijd zo, dus nog geen zorgen. Alleen de Zwitserse Barbara van de eerste dag bleef achter mij. Zolang ik rustig aan deed ging het wel met mijn maag, maar na een uurtje was ik al een paar keer misselijk geworden, en in korte afdalingen bonkte het in mijn maag en zo verloor ik steeds meer terrein, Voor het eerst dacht ik aan stoppen. Maar daar kwam ik hier niet voor.

Na anderhalf uur werd het me toch duidelijk dat ik er zo nooit op tijd zou komen en wist ik het zeker dat ik zou stoppen, maar ik moest nog wel bij de eerste verzorgingspost komen. Om de mensen daar niet te lang te moeten laten wachten liep ik nog wel zo goed mogelijk door. Na 2:20 uur had ik 13 km voornamelijk bergop afgelegd en kon stoppen. Achter mij stopte Barbara daar ook. Boven op de top was het koud, maar gelukkig was er ook een restaurantje waar we even konden opwarmen aan de open haard en kon ik mijn Zwitsers wat bijspijkeren voordat er een busje kwam van de organisatie om ons op te halen. Bij de finish kwam de eerste loper al binnen toen wij aan kwamen rijden. Wel leuk om iedereen zo te zien finishen.

5e dag
Van de organisatie begreep ik dat ik de rest van de dagen nog mocht starten op de halve afstand. Savonds ging het wel weer aardig dus dat zou ik dan maar proberen. Daarvoor was ook een veel ruimere tijdslimiet zodat ik het rustig aan kon doen. Sochtends moesten we nog wel gelijk opstaan met de andere lopers om de bagage af te geven, maar daarna was het een uurtje wachten en werden we met een busje tot halverwege gebracht. Met de auto omhoog beviel me wel. Maar omdat we wat hoger zaten was het ook kouder, en met een fris windje stond iedereen daar kleumend aan de start. Dan is lopen toch beter.

Na de start liep het voor ons toch ook eerst nog bergop en iedereen liep weer van me weg, maar dat maakte mij niet uit. Verdwalen was bijna niet mogelijk, want de routes werden elke dag enorm goed gemarkeerd met linten in bomen, struiken, gras, rotsen en palen, en tijd had ik ook voldoende dacht ik. De klim ging best goed, al was het boven op de top in de mist met wind en een fris hagelbuitje wel koud, maar ik had voldoende kleren aan en het was ook wel erg mooi daar.

In de afdaling kreeg ik gelijk weer goed last van mijn maag. Na enige tijd had ik door dat mijn voeten rustig plaatsen in plaats van laten vallen een stuk beter ging. Wel wat minder leuk om te doen, en het drukte het tempo nogal zodat ik toch weer alle tijd nodig had. Na enige tijd werd de afdaling gelijkmatig en zonder obstakels zodat ik nog aardig kon doorlopen. Maar omdat ik weer niet precies wist waar ik was en in het begin toch veel tijd nodig had gehad dacht ik dat ik aan de late kant was. En omdat het routeprofiel 7 km voor het einde nog een klim van bijna 100 meter liet zien die een uur voor tijd nog niet was geweest kreeg ik zelfs het idee te laat te zullen zijn. Dat klimmetje bestond echter niet, maar omdat ik dacht te laat te zijn heb ik niet zo genoten van de mooie kloof waar we 2 km van de finish doorheen liepen. Uiteindelijk had ik nog een half uur over bij de finish.

In Biel sliepen we die nacht in een soort legerkelder, waar heel veel stapelbedden in een kleine ruimte stonden. Niet zo plezierig toen ik daar misselijk aankwam en het niet zo fris meer rook. Maar de hele verdere middag en avond doolde ik door de straten om van mijn misselijkheid af te komen. Uiteindelijk lukte dat zitten op een bankje bij een druk bereden kruispunt. Eindelijk weer de bekende lucht van thuis. En uiteindelijk was er in de kelder genoeg ventilatie en heb ik ook daar goed geslapen.

6e dag
De voorlaatste dag begon ook weer met een koude start bijna boven aan de berg. Veel 350 km lopers passeerden hier al. Alle anderen zouden mij op de rest van het parcours passeren. Na een mooi klimmetje zou ik ook in de afdalingen gaan schuifelen zodat mijn maag niet zo zou bonken. Dat ging best goed, maar koste wel veel tijd. Ook liep ik twee keer kort verkeerd omdat ik nogal veel naar de grond keek. Het parcours was mooi, maar ook glad en ongelijk.

Na de verzorgingspost volgde nog een aardige klim, maar voordat die bereikt werd moest ik eerst slingerend en glooiend langs een steile bergkam trekken. Dat koste aardig wat tijd, en de klim daarna was voor de verandering niet steil maar gewoon loodrecht omhoog. Ook niet bevorderlijk voor mijn snelheid. Bovenin was de afdaling ook niet echt makkelijk, maar daarna volgde een vlakke afdaling met wat haarspeldbochten waar ik door kon lopen en waarbij ik diverse dorpjes zag liggen in het dal, maar welke was nu mijn eindbestemming?

De klok tikte verraderlijk door en de afdaling bleef maar afdalen. Eindelijk beneden had ik nog 10 minuten, maar ik had geen idee hoe ver het nog was. Elke bocht verwachte ik de finish en elke bocht wachtte een teleurstelling. Bij een wegovergang stonden 2 medewerkers die aangaven dat het noch eine km war. En ik had nog 6 minuten. Dat Zwitsers iets wel erg snel vlak vinden wist ik wel maar dat ze het met een kilometer niet zo nauw nemen was nieuw voor me. Nadat de 6 minuten in een behoorlijk tempo voorbij waren was de finish nog niet in zicht. Maar mijn horloge (niet Zwitsers) liep iets voor zodat ik nog wat extra tijd had. Eindelijk was de finish daar, en ik hoorde dat ik 8 seconden te laat was, maar dat zou wel goed genoeg gevonden worden. Even later werd ik aangetikt en bleek ik binnen te zijn op 5 uur en 63 honderdste seconden, en dat was afgerond naar beneden precies de limiet.

Dit keer viel de misselijkheid smiddags wel mee, maar dat werd vervangen door een enorme hoofdpijn snachts.

7e dag
Sochtends toen iedereen op weg was naar de ontbijtzaal bleef ik nog maar even liggen, maar even voor 6 uur ging het weer en kon ik nog mooi de start van de 350 km zien. Daarna kon ik nog wat eten kopen in een supermarkt voordat wij op weg zouden gaan naar de post halverwege. Dit keer was het gelukkig wat minder koud bij de start en het beloofde een mooie loopdag te worden. Wel was ik bang om als laatste in Basel aan te komen, als iedereen al lang aan het feesten was. Maar deze dag ging de route grotendeels over goed beloopbare paden en de enige klim van enige betekenis die we moesten doen was gewoon geasfalteerd. Zonder al te veel inspanning ging het eigenlijk best makkelijk, en rond half 2 na 3,5 uur lopen was ik in Basel. Het was deze dag heel lekker loopweer en ik voelde me verder wel aardig, dus toch nog een mooi slot. Aan het eind was er nog een gezellige prijsuitreiking in een restaurant op de bovenverdieping van een warenhuis, waar we ook nog lekker konden eten, en ik ook nog een mooi Zwitsers horloge kreeg. Vanaf nu zal ik overal mooi op tijd binnen komen.

Ik had de hele route dan wel niet uitgelopen en was bijna elke dag wel beroerd, maar uiteindelijk was ik toch wel tevreden omdat mijn benen het zo makkelijk hadden volgehouden, maar vooral omdat het een hele mooie week was geweest, waarbij ik enorm heb genoten van de sfeer onder de lopers, en vooral het plezier met de aanwezige taalgenoten (mijn opmerkingen komen in het Duits toch wat minder uit de verf, en hun grappen gaan weer ongemerkt aan mij voorbij), en de geweldige mensen van de organisatie.

Om de overgang van 7 dagen slapen op een ongemakkelijk luchtbedje op een ongemakkelijk matrasje in een ongemakkelijke slaapzak naar mijn eigen waterbed niet te groot te maken verbleef ik samen met Bram en Erwin nog een nachtje in een jeugdherberg. De volgende dag konden we nog even genieten van een lekker dagje in Basel, waar de mannen mij als onervaren etappeloper nog diverse poepjes lieten ruiken.

Arnold

 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]
 

 
 
 
De 3 Musketiers

Mijn dag kan al niet meer kapot, vandaag 19 juli 2009 wint Contador zijn aankomst bergop in de Tour de France. En wat deden we verder zoal vandaag? Och ja, we liepen een marathon. Zonder training verwacht ik er niet veel van maar 4u moet toch wel kunnen he.

Gust ging in op mijn vraag of er mensen mee wouden rijden en om 06u00 spraken we af in Grimbergen ( voor de Nederlanders ¡V Grimbergen is een gemeente en niet alleen bier) om van daar samen naar Schwalmtal-Waldniel in Duitsland te rijden, zo¡¦n 2 uurtjes aan normale snelheid.
Het verkeer gaat vlot en 5km voor aankomst zet ik de GPS af want een exacte straat hebben we niet. Een geluk: er hangen aan de afrit pijltjes. Op een moment gaat een pijltje naar links maar mijn gevoel zegt rechtdoor, hoe ik het doe¡Kwe kwamen op 20m van de start en er was natuurlijk ruimte zat om te parkeren.
Nog even de slappe lach met een Smart die zich kwam parkeren en we konden naar de inschrijving. Willy waar we ook mee afspraken staat ons al op te wachten.

Op het inschrijvingsformulier noemen Gust en ik onze vereniging De Flierefluiters. In plaats van Steenhuffel of Steenbuffel is het nu eens Steentuffel. Mijn geboortejaar is 1870 en mijn achternaam zullen ze zelf wel vervormen.

Nog even aanschuiven aan de toiletten, daar maken we al contact met een andere loopster. Mijn Duits en haar Nederlands was goed voor een twee persoon comedy show. De tijd verstrijkt, om 09u00 is de start en het regent waardoor de lopers beschutting zoeken onder de bomen. Het regenen stopt alsof het op bestelling tussen 9 en 14 moest droog blijven.

Als drie musketiers, allen in een goede bui, staan we klaar voor onze volgende uitdaging. De Duitsers tellen even snel af als de Belgen en na 10 seconden verdwijnen we op de piste in een grote rode stofwolk. Ok, dat is weer overdreven maar toch was er ergens wel wat stof.

We moeten 4 rondjes afleggen van iets meer dan 10km en twee rondjes op de steentjespiste. Onze vriendin loopt voor ons voor haar estafette en terwijl ze lustig puft alsof ze de stoomtrein terug wilt invoeren, moppen wij er op los en lachen heel wat af. Veel op asfalt lopen we niet, een prachtig decor krijgt onze belangstelling. Een beetje op en af en ideaal loopweer, af en toe komt de zon eens piepen en gaat het even 10¢X warmer, of toch zo voelde het.

De supporters zijn super zoals we het gewoon zijn van de Duitsers. Ook de vele seingevers doen meer dan hun best en hebben ook heel wat plezier. Na wat bosjes en veldwegen mogen we door een mooi domein van het zusterklooster lopen. Dan terug door de bossen om na enkele kilometers door het park terug op de piste te draaien. Drie bevoorradingsposten waar water, cola, thee, koekjes en bananen te verkrijgen zijn. Ook weer heel vriendelijke vrijwilligers.

In de helft van de tweede ronde, we zitten nog steeds te grappen en Gust moet weer even plassen. Willy en ik hebben een plan, we drijven onze snelheid op en proberen zo snel mogelijk uit Gust zijn zicht te verdwijnen. Gust vraagt zich af wat er aan de hand is en komt toch terug op 50m. Willy en ik versnellen dan nog maar en eens uit het zicht verstoppen we ons in de bosjes. Gust loopt ons voorbij en wij terug achter hem. Het duurt ons kilometers eer we terug bij Gust raken, het wild loopt nu achter de jager. Pas begin van ronde drie komen we terug bij Gust. We proberen wijs te maken dat we al een ronde meer liepen maar Gust wist wel beter. We lopen op een schema van 4u16¡¦ en trekken ons daar niet te veel van aan.

Na 24km zie ik braambessen en kan het niet laten om er een paar te plukken. Twintig meter verder loopt een man met twee honden waar ik even een praatje mee maak. De witte hond noemt Angel en de Bruine noemt Spike. Ik vertel hem dat zijn honden er een beetje bang uit zien en hij wist me te vertellen dat die dieren door de vorige eigenaars geslagen werden, hij ontfermt zich nu over de dieren en ik zeg tegen de man dat hij echt een goed persoon is. Hij blij, ik blij en weer verder maar dan ineens met vleugeltjes. Zo een dingen geven een mens kracht.

Het duurt niet lang of ik loop Willy en Gust als een TGV (van het ouder model) voorbij. Voor de Nederlanders is het een HST. Verderop loop ik bijna op een dood pimpelmeesje, ach, hoe zielig. Zo¡¦n mooi vogeltje, dit pakt dan weer energie van mij af ƒ¼

Toch nog in het ritme besluit ik om voor die 4u te gaan, nog twee musketiers blijven over. Aan de meet roept de speaker ons steeds bij naam, ¡§Paul Von Hiel von de Fliereflouters¡¨ klinkt het.

Na km 37 is het toch iets moeilijker om soepel te lopen en volg ik een andere Belg. Natuurlijk duurt het een paar kilometer eer we beseffen dat we dezelfde taal spreken. Een gesprek loodst ons door de laatste kilometers, ik zou nog te vroeg binnen komen.

Na op de piste te draaien staat mijn chrono op 3u57'30", ik wacht nog een paar minuten achter een tent om pas na vier uur stipt over de meet te komen. Eigenlijk veel frisser dan gedacht. Gust komt binnen op 4u05¡¦ ongeveer en iets later komt ook de derde musketier binnen. Iedereen zeer tevreden over het verloop van de marathon en de sfeer die er was.

De organisatie was heel goed en zeker voor een eerste organisatie, een mooie medaille bij aankomst is ook altijd tof. Mijn voeten zijn wel een probleem want die blijnen zitten nog altijd onder dat eelt en ik zal het eens door een Podologe moeten laten onderzoeken, de 24u volgende week zal weer niets worden.

Ik voel nog iets, mijn kleine teen, ja ik voel het, we moeten snel naar huis want vandaag gaat er in de Tour de France iets gebeuren, een aankomst bergop zou wel eens iets voor mijn favoriet Contador kunnen zijn. Na een vlotte reis en twee uur later gaat Sporza aan en ....

Mijn dag kan al niet meer kapot, vandaag 19 juli 2009 wint Contador zijn aankomst bergop in de Tour de France.
En wat deden we verder zoal vandaag? Och ja, we liepen een marathon.

Keep on Running.

Paul van Hiel
(ditismijnpostlijn <at> msn.com) 
 
[ top pagina ]
 

 
 
 
2008: DE grote uitdaging voor het sportieve jaar zou voor mij de Swiss Jura Marathon worden. Een zevendaagse etappeloop van 350 km en met 11.000 hoogtemeters door en over het Zwitserse gedeelte van het Jura gebergte. Start in Genève en finish in Bazel. Goed voorbereid begonnen, maar halverwege -vanwege een onderbeen blessure- terug moeten schakelen naar de halve afstand en uiteindelijk –voortijdig- op moeten geven.
Dat rook uiteraard naar revanche en zo gezegd, zo gedaan.

2009: De hele winter en het voorjaar stonden in het teken van de herkansing van de SJM. ‘Onderweg’ wist ik Liesbeth van Zon zo gek te krijgen om ook mee te gaan, zij het voor de halve afstand (175 km). De voorbereiding verliep zonder grote tegenslagen en uiteindelijk had ik veel meer kilometers gemaakt, dan in voorjaar 2008. Ik voelde me dan ook beresterk.

Met maar liefst 10 nationaliteiten en 73 lopers voor 2 verschillende afstanden, meldden we ons in het plaatsje van de 1e overnachting. Liesbeth kreeg al meteen de kriebels te pakken, want er liepen veel sporters rond met een T-shirt van een marathon hier, of een ultra loop daar. Ze kreeg twijfels, of ze met haar rondje Loo (waarvan ze geen T-shirtje had…) voldoende basis had. Gelukkig is het voor haar goed uitgevallen.

Onderkomst hadden we steeds in sporthallen, alwaar matrasjes lagen. Met een zelf meegebrachte slaapzak kon hier goed op gerust en geslapen worden. Er reisde ook steeds een keukenstaf mee, die ’s ochtends voor een ontbijt zorgde en ’s avonds voor een drie gangen menu. Iedere dag verse salade, soep en een hoofdmaaltijd. Het was misschien geen haute cuisine, maar het was wel degelijke sporterskost. Dagelijks waren er 3 verzorgingsposten, alwaar water, warme bouillon, ice tea en sportdrank stond. Te eten waren er vooral gedroogde vruchten, vers fruit en mueslirepen. Het was wel de bedoeling zelf nog met een heupgordel met bidon(s) of camelbak te lopen. Van de organisatie kregen we in het begin al een mapje mee, waarop de belangrijkste telefoonnummers en in grote lijnen de routebeschrijving stond, mocht er onderweg iets gebeuren.

De route zelf verliep grotendeels over wandelpaadjes en –wegen. Aangezien we tot op hoogtes kwamen van bijna 1700 meter, hebben we vele soorten ondergrond gehad. Asfalt, zand, grind, boomwortels, stenen, keien, grasland en vooral ook veel alpenpizza’s (koeienvlaaien). Deze laatsten nodigden sommige lopers zelfs uit, om er in te stappen en vervolgens uit te glijden, met alle hachelijke gevolgen van dien.
Regelmatig moest je een hekje openen, of een draad losmaken (en vervolgens achter je rug weer vastmaken!), door een stenen poortje, over een trapje, of gewoon onder of over een draad. De route was gemarkeerd met plastic linten die door een team ’s ochtends waren opgehangen aan takken of struiken. Ik was er toevallig nog getuige van, dat een koe eens wilde uit proberen of zo’n lint lekker was. Snel ging ik er achteraan om het stuk lint uit zijn bek te trekken, maar daar dacht die koe anders over en ging er vandoor, onderwijl het lint opslokkend. Hopelijk zijn de lopers achter mij hierdoor niet fout gelopen.

Doordat we in het Jura gebergte liepen, ging de route constant omhoog en omlaag. Omhoog probeerde je een beetje aan het dribbelen te blijven, totdat het zo steil werd, dat je vanzelf in wandelpas verder ging. Omlaag was het zaak om èn op te letten waar je je voeten neerzette èn om zo snel mogelijk weer je snelheid op te voeren. Het had enkele nachten flink gehoosd, dus de wandelpaadjes waren op veel plaatsen veranderd in ware modderpaden. Het afdalen ging er dan ook erg glibberig aan toe. Veel paar schoenen waren aan het eind van de etappes nauwelijks te herkennen.

Voor mij persoonlijk verliepen de eerste 3 etappes zeer vlot en bijna makkelijk. We hadden etappes van respectievelijk 47, 45 en 56 km. Ik snapte gewoon niet waar ik die kracht vandaan haalde. Het resulteerde in een mooie 2e plaats in het algemeen klassement bij de K350 vrouwen. Maar dag 4 was voor mij een ommekeer. Toch teveel met krachten gesmeten?
Vanaf de 4e etappe (47 km) kwam ik op de (nog steeds erg mooie!) 3e plek in het alg. klass. en die positie heb ik tot het einde toe vast kunnen houden. De laatste drie etappes waren nog eens 53, 50 en 52 km. Elke dag kregen we gemiddeld bijna 1600 hoogtemeters voor ons kiezen. Liesbeth was gaandeweg de week op een 5e plaats gekomen en wist haar 5e plek ook mooi te verdedigen.

Al met al is het een geweldige ervaring om aan zo’n etappeloop met zoveel mensen deel te kunnen nemen. Gedurende de week zie je steeds meer mensen die -vanwege een blessure- moeten stoppen, of die flink ingetapet zijn. Je gaat het dan ook steeds meer waarderen, als je zelf nog heel over de finishlijn kunt stappen.
Het zal geen verbazing wekken, dat je na afloop total loss bent. Bij de laatste aankomst in Bazel was er het eerste minpuntje van de week: we konden niet douchen. Dit lag niet aan de organisatie, maar een tussenpersoon was niet op komen dagen. Naast de finishlijn was er een grote waterbak met fontein en toen bekend werd dat er niet gedoucht kon worden, sprong de ene na de andere sporter in het water om zich op te frissen. Ik heb wel eens gelezen dat Paula Radcliffe na afloop van iedere marathon in een ijsbad springt. Ik heb dat nu ook geprobeerd, maar of ik daardoor marathons onder de 2.30 uur ga lopen, betwijfel ik ten zeerste . . . .

Wilma Vissers
diewilma <at> bluewin.ch

Verdere informatie onder http://www.swissjuramarathon.com 

 
[ top pagina ] - [ Kalender info ] - [1-2-3 Uitslagen ]